Dick Schreuder langs de lijn bij N.E.C.

Van Michels tot Schreuder: waar het voetbal van N.E.C. vandaan komt

Woensdag 8 juli 2026. Op het Nationaal Voetbalcoach Congres krijgt Dick Schreuder de Rinus Michels Award voor Trainer van het Jaar in de Eredivisie. Zijn collega-hoofdtrainers kozen hem boven Peter Bosz en Anthony Correia. Het is de eerste keer dat de prijs naar een trainer van N.E.C. gaat. De prijs is vernoemd naar de man die het totaalvoetbal bedacht.

Dat roept een vraag op die bij die prijs bleef liggen. N.E.C. drukt hoog, wil de bal en laat spelers voortdurend van plek wisselen. Dat doet denken aan Michels en Cruijff. Maar wie de loopbaan van Schreuder volgt, ziet dat zijn speelstijl ergens anders vandaan komt: uit zijn eigen jaren bij de amateurs van Barneveld en Katwijk.

Als speler leerde hij vooral wat hij niet wilde

Schreuder was zelf middenvelder bij PSV, Sparta, FC Groningen, RKC Waalwijk, Stoke City, Helmond Sport en Go Ahead Eagles. Tactisch nam hij daar volgens eigen zeggen weinig uit mee. Tegen Coaches' Voice vertelde hij in 2023 dat hij uit zijn spelersjaren vooral had onthouden wat hij als trainer níet zou doen. De enige trainer die hem echt vormde, was Huub Stevens bij PSV, en dan vooral op discipline.

Schreuder kwam dus niet uit een school met een vast idee over hoe je moet voetballen. Hij moest zijn eigen idee ontwikkelen, en dat deed hij bij de amateurs.

Barneveld en Katwijk

In 2007 werd hij trainer van SDV Barneveld, de club uit zijn geboorteplaats, op het vijfde niveau van het Nederlandse voetbal. Hij bleef er zes jaar, promoveerde in 2012/13 en stond bekend als een trainer die jonge spelers een kans gaf en aanvallend wilde spelen.

Bij Barneveld begon ook zijn manier van trainen. Na zijn eerste trainingen in Nijmegen schreef ESPN dat er geen pauzes zitten tussen de oefeningen: "meteen door, van oefening naar oefening". Schreuder: "Dit deed ik al bij SBV Barneveld."

Bij VV Katwijk, op het hoogste amateurniveau, speelde hij voor het eerst met drie verdedigers. In een interview uit 2017 omschreef hij zijn Katwijk als een ploeg met "pressie op de tegenstander en een hoog baltempo", in een 3-4-3. "Eigenlijk wilde ik dit systeem vorig jaar al gaan spelen. Maar toen zag ik dat de groep daar nog niet klaar voor was," zei hij toen.

In hetzelfde interview vertelde hij hoe hij traint. Als een oefening te soepel liep, veranderde hij bewust iets: "Ik verstoor het dan. Spelers worden beter zodra ze meer moeten omschakelen." Dat is de basis van wat hij in Nijmegen "gestructureerde chaos" noemt.

Tijdlijn van de trainersloopbaan van Dick Schreuder: SDV Barneveld (2007-2013), VV Katwijk (2014-2018), assistent bij Philadelphia Union (2018), assistent bij TSG Hoffenheim (2019-2020), PEC Zwolle (2021-2023), CD Castellón (2023-2025) en N.E.C. (vanaf 2025).

Assistent in Engeland, Amerika en Duitsland

Rond zijn jaren in Katwijk werkte hij ook in het buitenland. In 2014 was hij korte tijd trainer van het Engelse Barnet, samen met Edgar Davids. Bij Philadelphia Union in de MLS was hij assistent van Jim Curtin. Daar leerde hij naar eigen zeggen vooral hoe belangrijk een hechte groep is die elke dag naar hetzelfde doel werkt.

Tactisch was Hoffenheim de belangrijkste stap. Zijn broer Alfred was daar jaren assistent geweest van Julian Nagelsmann, die de club met een driemansverdediging naar de Champions League bracht. Toen Alfred in 2019 zelf hoofdtrainer werd, nam hij Dick mee als assistent. Zo zag Schreuder hoe ze in de Bundesliga met drie verdedigers werkten, twee jaar nadat hij daar in Katwijk zelf mee was begonnen.

Zwolle: drie verdedigers in het betaald voetbal

In november 2021 werd hij hoofdtrainer van PEC Zwolle, zijn eerste baan als hoofdtrainer in het Nederlandse betaald voetbal. PEC speelde 4-3-3, Schreuder stapte over op drie verdedigers. Tegen De VoetbalTrainer legde hij uit waarom: "Wat we eigenlijk hebben gedaan, is dat we met één verdediger meer op het middenveld zijn gaan spelen." De twee buitenste centrale verdedigers spelen in balbezit als backs.

Een tweede principe: aanvallen en verdedigen horen bij hem bij elkaar. "Wij zijn tijdens het aanvallen al met verdedigen bezig," zei hij. Wie met veel spelers aanvalt, staat achterin vaak met minder man dan de tegenstander. Dat neemt hij bewust voor lief: "Verdedigen in ondertal betekent dat je de juiste keuzes leert maken."

Dat vroeg veel van zijn verdedigers. Thomas Beelen mocht bij een doeltrap gewoon een aanvaller uitspelen in de eigen zestien. Volgens Schreuder liepen de centrale verdedigers van PEC zo'n 1.500 tot 2.000 meter meer per wedstrijd dan daarvoor.

Het resultaat: PEC promoveerde in 2022/23 direct terug naar de Eredivisie, met 85 punten en 99 doelpunten.

Castellón: dezelfde aanpak in Spanje

In 2023 nam hij die aanpak mee naar CD Castellón, op het derde niveau van Spanje. Daar moesten ze er erg aan wennen. "Toen we hier kwamen, hebben we alles van Zwolle laten zien, één keer, en we zeiden: zo willen wij gaan spelen. Ik zag aan de spelers, en ook de Spaanse staf, dat ze dachten: die trainer is loco," vertelde hij in januari 2024 aan de NOS.

Hij paste zich ook niet aan het Spaanse balbezitvoetbal aan: "Het is leuk als je 600 passes naar elkaar speelt, maar als de bal alleen maar op je eigen helft is... Dat vind ik sloom." En: "Wij spelen met heel veel risico."

Castellón werd kampioen, met een competitierecord van 74 doelpunten, en promoveerde naar de Segunda División. Daar ging het mis: na vier nederlagen op rij werd hij in januari 2025 ontslagen. Een paar maanden later tekende hij bij N.E.C. Tegen VI vatte hij zijn opvatting toen samen: "Ik ben niet van het afwachten. Dat komt terug in alles."

Waar het op gebaseerd is

Er zijn overeenkomsten met het totaalvoetbal, maar ook duidelijke verschillen.


Totaalvoetbal 1974

Schreuder

Basisvorm

4-3-3

drie verdedigers: 3-4-3 in Katwijk, 3-4-2-1 in Nijmegen

Posities

spelers wisselen van plek

spelers wisselen van plek, ook verdedigers schuiven door

Zonder bal

hoog druk zetten, hoge linie

hoog druk zetten, verdedigen al tijdens het aanvallen

Met de bal

balbezit om het spel te beheersen

balbezit om aan te vallen, veel risico

Het hoge druk zetten, de hoge linie en het wisselen van posities zijn typisch Nederlands. Maar het totaalvoetbal werd gespeeld in een 4-3-3, en die vorm werd daarna de standaard van Ajax tot Oranje. Michels en Cruijff wilden de bal om het spel te controleren. Schreuder wil de bal om zo snel mogelijk gevaarlijk te worden. De driemansverdediging heeft hij niet van Ajax, maar uit zijn eigen tijd in Katwijk en uit wat hij in Hoffenheim zag.

De trainer die het meest op Schreuder lijkt, is Gian Piero Gasperini. Hij maakte van Atalanta een ploeg met drie verdedigers, wingbacks langs de zijlijn en mandekking over het hele veld. Daarvoor accepteerde hij dat zijn ploeg ook veel tegendoelpunten kreeg. Spelers van N.E.C. zien die vergelijking zelf ook. "Een ander niveau, ik weet het, maar de filosofie is vergelijkbaar," zei middenvelder Darko Nejašmić in april tegen VI over Atalanta.

Doelpunten per competitiewedstrijd. Atalanta 2019/20 onder Gasperini: 2,58 voor en 1,26 tegen. N.E.C. 2025/26 onder Schreuder: 2,26 voor en 1,56 tegen. Beide ploegen eindigden derde.

Ook met Marcelo Bielsa zijn er overeenkomsten. Bielsa speelt al decennia met mandekking over het hele veld en heet in Argentinië "El Loco" vanwege zijn risicovolle voetbal. In Castellón dachten ze hetzelfde over Schreuder. Er is geen bewijs dat Schreuder Bielsa bewust navolgt, maar hun ideeën liggen dicht bij elkaar.

Wat het oplevert

In Nijmegen speelt N.E.C. op papier een 3-4-2-1. Met de bal wordt dat een 3-1-5-1, met vijf spelers in de voorste linie. Schreuder legt zich zelf niet vast op een formatie: "Soms ziet het eruit als 3-4-3 of een 3-3-3-1-formatie. Als het goed gaat dan wordt het lastig om een formatie erin te zien. Ik ben een beetje de gestructureerde chaos."

De cijfers over het hele seizoen 2025/26 laten zien hoe goed dat werkte.

Vier statistiekkaarten over N.E.C. in de Eredivisie 2025/26, alle 34 speelronden: 5,4 balveroveringen per wedstrijd op het laatste derde (eerste van de Eredivisie), 77 doelpunten (tweede), 56,6 procent balbezit (tweede) en 110 grote kansen (tweede). Bron: FotMob.

Geen ploeg in de Eredivisie veroverde de bal zo vaak op het laatste derde van het veld als N.E.C.: 5,4 keer per wedstrijd, meer dan PSV (5,0). Tegelijk stond N.E.C. op de zeventiende plaats in onderscheppingen. De ploeg wacht dus niet af tot de tegenstander een fout maakt, maar zet direct druk. Dat is wat Schreuder in Katwijk al "pressie op de tegenstander" noemde.

Daar staat tegenover dat N.E.C. ook kansen weggaf. Met 53 tegendoelpunten stond de ploeg in de middenmoot van de Eredivisie. Dat is de prijs van drie verdedigers die vaak man tegen man spelen.

Het eindresultaat was de derde plaats, de hoogste klassering uit de clubgeschiedenis, met 59 punten en 77 doelpunten. N.E.C. haalde de bekerfinale, die met 5-1 van AZ werd verloren, en plaatste zich voor de voorronde van de Champions League. Daarnaast vielen spelers in dit systeem zo op dat ze voor miljoenen vertrokken, zoals we beschreven in Moneyball aan de Waal. Nejašmić vatte het tegen VI zo samen: "Energiek, agressief voetbal. We gaan altijd voor de overwinning."

Conclusie

Het voetbal van Schreuder lijkt op onderdelen op het totaalvoetbal: hoog druk zetten, een hoge linie en spelers die van plek wisselen. Maar de basis komt ergens anders vandaan. De driemansverdediging ontwikkelde hij bij Katwijk en zag hij terug in Hoffenheim. Het risico dat hij neemt, hield hij vol in Zwolle en in Spanje, ook toen anderen twijfelden. Het voetbal dat hij nu met N.E.C. speelt, lijkt daardoor meer op dat van Gasperini bij Atalanta dan op dat van Michels.

Dat hij met die speelstijl toch de prijs won die naar Michels is vernoemd, past wel. Michels voerde in 1965 bij Ajax ook iets nieuws in. Schreuder deed dat bij N.E.C.

Deel dit artikel