N.E.C. draait in maart 2026 mee in de top van de Eredivisie en staat in de bekerfinale. Dat is geen eenmalige gelukstreffer, maar het keiharde resultaat van sterk transferbeleid. Waar concurrenten met miljoenen strooien, gaan de Nijmegenaren onder leiding van technisch directeur Carlos Aalbers heel precies en slim te werk. Een analyse van een club die weigert nog langer het braafste jongetje van de klas te zijn.
De vernieuwing van N.E.C. leunt op drie duidelijke pijlers: heel precies scouten met data, vroeg toeslaan in de Keuken Kampioen Divisie en het slim oppikken van transfervrije spelers. Zo ontstaat er een mooie balans in het team: veelbelovende talenten die flink in waarde zullen stijgen, aangevuld met ervaren spelers.
Scouten in onbekende vijvers
Het ouderwetse scouten is in Nijmegen deels vervangen door data en slimme lijstjes. De club zoekt heel gericht in markten waar de concurrentie niet of nauwelijks kijkt.
- De Japanse goudmijn: De inmiddels beroemde transfer van Kento Shiogai is het absolute schoolvoorbeeld. Voor nog geen € 200.000 werd de spits in 2024 weggeplukt bij Keio University in Japan. Anderhalf jaar later leverde hij bij zijn transfer naar VfL Wolfsburg (januari 2026) zo'n € 10.000.000 op; zijn waarde ging vijftig keer over de kop. Zijn landgenoot Kodai Sano bewandelt een vergelijkbaar pad. Hij kwam voor slechts € 400.000 over van de Japanse eerste divisionist Fagiano Okayama. Afgelopen winter wees de clubleiding nog een bod van 20.000.000 op de middenvelder af. Zijn marktwaarde tikt inmiddels ook de € 12 miljoen aan.
- Scouten op basis van data: N.E.C. zoekt niet zomaar in Frankrijk, maar sloeg daar héél gericht toe toen uit de statistieken bleek dat de selectie pure spierkracht en vechtlust miste. Voor € 1.300.000 kwam Noé Lebreton over van SM Caen. Geen gok, maar een slimme investering om de balans op het middenveld te herstellen.
- Isak Hansen-Aarøen: Een late aanwinst in februari 2026. Toen de 21-jarige creatieve Noor bij Werder Bremen op een zijspoor dreigde te belanden, zat Aalbers op de eerste rij. Een typische transfer waarbij direct werd geprofiteerd van onrust bij een grotere club.
Snel toeslaan in de Keuken Kampioen Divisie
In plaats van te wachten tot spelers te duur worden, haalt N.E.C. de krenten uit de pap in de Keuken Kampioen Divisie. Door spelers als Sami Ouaissa (Roda JC, circa € 800.000) en Başar Önal (De Graafschap, circa € 1.000.000) vroeg en daadkrachtig vast te leggen, was N.E.C. de stijgende prijzen op de transfermarkt te slim af. Beide spelers hoefden amper te wennen aan het hogere niveau, wat direct terug te zien is: samen zijn ze inmiddels ruim € 8 miljoen waard. Deveron Fonville werd, na twee duels voor FC Dordrecht, overgenomen voor € 800.000. Twee duels betaald voetbal, praktisch gescout in de Tweede Divisie, uitgegroeid tot een betrouwbare kracht achterin die we komend seizoen terug zien op het WK 2026.
Het fundament: transfervrije meesterzetten
Een elftal vol talenten is kwetsbaar zonder een stevige basis. Hier laat Aalbers zien hoe goed hij is: de balans vinden tussen talent dat geld oplevert en gehaaide routiniers. De belangrijkste as van het huidige N.E.C. bestaat opvallend genoeg uit spelers die (bijna) geen transfersom kostten.
- Eli Dasa & Darko Nejašmić: In het najaar van 2025 en de zomer daarvoor handelde N.E.C. snel. Dasa kwam transfervrij over van Dinamo Moskou en Nejašmić liet zijn contract in de Emiraten ontbinden. Beide transfers voegden direct tientallen interlands en onmisbare voetbalslimheid toe aan het elftal.
- De as van de routine: De terugkeer van Bryan Linssen uit Japan en de belangrijke sturing van aanvoerder Tjaronn Chery maken het af. Zij zijn de absolute leiders van de ploeg. N.E.C. betaalt voor deze spelers geen mega sommen, maar krijgt daar wekelijks inzet, ervaring en winnaarsmentaliteit voor terug, waardoor de jonge talenten om hen heen nóg beter worden.
- Gonzalo Crettaz: Na het vertrek van doelman Robin Roefs naar Sunderland, wist de club direct wie er moest komen. De meevoetballende Argentijnse keeper werd opgehaald bij CD Castellón, de oude club van Schreuder, en is nu onmisbaar in de Nijmeegse opbouw.
De keerzijde van het succes
Dit succesvolle model kent echter een onvermijdelijke keerzijde. De indrukwekkende waardestijging van de selectie betekent dat de grotere clubs, zowel de traditionele top drie als kapitaalkrachtige buitenlandse teams, inmiddels wekelijks op de tribune zitten in De Goffert. Waar Shiogai en Roefs de kassa al lieten rinkelen, is het een kwestie van tijd voordat onder andere smaakmakers als Sano, Ouaissa, Önal en Lébreton onhoudbaar blijken.
N.E.C. is door zijn eigen succes veroordeeld tot een onvermijdelijke cyclus. Zodra het geraamte staat en de ploeg echt meedoet om de bovenste plekken, worden de beste spelers weer weggekocht. Voor Aalbers en zijn scoutingsteam betekent dit dat er nul ruimte is voor verslapping. De schaduwlijstjes moeten altijd up-to-date zijn en de volgende lichting talenten moet al klaarstaan voordat de huidige sterkhouders de deur uitlopen. Het is de harde realiteit van het moderne voetbal: je bouwt een goed elftal, om het vervolgens weer met winst te verkopen.
Conclusie
Wat N.E.C. in het seizoen 2025/2026 laat zien, is geen verrassing meer. Het is de winst van verstandig en goed uitgedacht beleid. Door een slimme mix van vernieuwende datascouting, vroeg toeslaan in de Keuken Kampioen Divisie en het gratis ophalen van bewezen winnaars, hebben Carlos Aalbers en de zijne een team gebouwd waar veel andere Eredivisie-teams met jaloerse blikken naar kijken. Maar na het rinkelen van de kassa begint pas de échte test. Kan hetzelfde kunstje volgend seizoen weer worden herhaald?



