Het waren weken waarin de refresh-knop van menig N.E.C.-supporter overuren draaide. Terwijl de selectie zich op het veld in het zweet werkte voor Europees voetbal, werd er in de wandelgangen een heel andere wedstrijd gespeeld. De inzet: onze eigen ‘Keizer van de Kuul’, Kodai Sano. Het werd een transfersoap vol cliffhangers, miljoenenbiedingen en uiteindelijk een verlossend slotakkoord.
De maand januari staat in de voetballerij synoniem voor onrust, en zelden was die onrust in Nijmegen zo voelbaar als dit jaar. Sano, de motor van het Nijmeegse middenveld, had zich met zijn tomeloze energie en rendement in de kijker gespeeld van de traditionele top-3 en vermogende buitenlandse clubs.
De Ajax-flirt en de Engelse megaklapper
Het begon als een fluistering, maar werd al snel een schreeuw: Ajax wilde hem hebben. De Amsterdammers zagen in Sano de ideale versterking. Maar waar de interesse uit de Eredivisie nog als 'strelend' werd ervaren, zorgde een telefoontje van over het kanaal voor totale paniek én ongeloof bij de achterban.
Het absolute toppunt van de soap werd bereikt toen Nottingham Forest zich meldde. De Engelse traditieclub legde naar verluidt een duizelingwekkend bedrag van 20 miljoen euro op tafel.
Laat dat getal even op je inwerken... 20 miljoen!
In elk ander tijdperk van onze clubgeschiedenis had de directeur de speler persoonlijk met een strik eromheen naar het vliegveld gereden. Voor zo'n bedrag kon N.E.C. in het verleden de begroting van drie seizoenen dichten. Dat Carlos Aalbers en de Raad van Commissarissen zelfs bij dit astronomische Premier League-geweld niet met de ogen knipperden en 'nee' bleven verkopen, is niets minder dan een historisch moment. Het markeert een nieuwe realiteit in De Goffert: we hoeven niet meer te verkopen om te overleven, we willen presteren. Stalen zenuwen van de technische leiding
Waar N.E.C. in het verleden vaak eieren voor zijn geld koos bij een goed bod, toonde de clubleiding deze winter ruggengraat. Technisch directeur Carlos Aalbers en de investeerders speelden een spel van hoog niveau. Het standpunt was helder, maar riskant: Sano is onmisbaar voor de huidige sportieve ambities.
Er werd ‘nee’ gezegd tegen bedragen waar menig Eredivisieclub van zou watertanden. Het was een gok op twee fronten:
- Sportief: De overtuiging dat Sano N.E.C. naar Europees voetbal kan loodsen, wat op lange termijn meer waard is.
- Financieel: De zekerheid dat Sano in de zomer, met hopelijk een sterk seizoenseinde en een plek in de Japanse WK-selectie, nog véél meer waard zal zijn.
De mens achter de transfertarget
En Sano zelf? Die bevond zich in het oog van de storm. In een interview met N.E.C. TV liet hij doorschemeren dat het "moeilijke dagen" waren. De twijfel is menselijk: kies je voor de loyaliteit aan de club die je de kans gaf in Europa, of zwicht je voor het salaris en de status van een topclub?
Dat hij tegen AZ, op het moment dat de transferdeadline bijna verstreek, zijn beste wedstrijd speelde, zegt alles over zijn mentale weerbaarheid. Het tekent het karakter van de Japanner. Geen stakingen, geen nukkig gedrag op de training, maar voeten laten spreken.
Uitstel, geen afstel
De soap is voorbij, de rust is wedergekeerd. Sano blijft, in ieder geval tot de zomer. We hebben de strijd in januari gewonnen, maar weten allemaal dat het in juli opnieuw zal losbarsten. Dan zal het waarschijnlijk geen 'nee' meer zijn, maar een recordtransfer.
Maar dat is voor later. Voor nu halen we opgelucht adem. De telefoon van Aalbers mag even op stil.



